Voetbal

DE AANLEIDING

Het zijn de jaren na de oorlog en het ‘normale’ leven begint weer zijn beloop te krijgen. 

Voetballers uit Mheer en Banholt voetballen samen onder de naam MBC (Mheer-Banholt Combinatie). Noodgedwongen, want de oorlog was er schuld aan dat er in Mheer zelf te weinig spelers waren om met hun eigen club R.K.M.F.C. door te gaan.
Echter degenen, die door de oorlog in Europa of in Indië niet in staat waren om lid van de voelbalvereniging te worden of te blijven, zijn weer terug en er zijn zodoende genoeg jongens te vinden, die graag weer in een voetbalclub van het eigen dorp willen spelen. En reeds in 1950 werd er door een paar enthousiastelingen een vergadering opgeroepen ter heroprichting van de voetbalclub R.K.M.F.C. 


image002

Bovendien wil het feit, dat er één club is voor Mheer en Banholt niet zeggen dat het altijd botert tussen beide dorpen. Er is sprake van grote rivaliteit en zelfs animositeit tussen spelers en vooral tussen supporters. Zo gaat het verhaal, dat, als er meer spelers uit Mheer dan uit Banholt waren opgesteld, het kastje waarin de opstelling hing, werd opengebroken en een naam van een speler uit Mheer werd doorgestreept en vervangen door de naam van een speler van Banholt. Voorwaar er zijn oorlogen uitgebroken om minder.

En zo was er een vruchtbare bodem voor het oprichten van een eigen vereniging.

Training.

In de vijftiger jaren was het niet erg gebruikelijk, dat een dorpsclub op een professionele manier trainde. Toch had Mheerder Boys op een gegeven moment zelfs twee trainers in dienst en was ook daarmee zijn tijd ver vooruit. Immers als conditietrainer fungeerde meester Stessen. Onder hem werd o.a. getraind in een schuur op het kasteel, zeg maar de voorloper van de sporthal. De kans om hier stoflongen op te lopen was aanzienlijk groter dan ondergronds in de mijn.

Op techniek werd getraind onder leiding van dorpsgenoot Nikkela Dobbelstein, die op Rolduc voor priester studeerde en daar tijdens de gymlessen de noodzakelijke technische kennis vergaarde.


MHEERDER BOYS: DE BEGINJAREN


Tenue.

In de beginjaren was er een krapte aan tenues. Iedereen had wel ongeveer hetzelfde aan, maar van een reservetenue had nog nooit iemand gehoord. Zo had onze keeper een keer bij een uitwedstrijd zijn voetbalbroek vergeten. Toch moest er gespeeld worden Dat was geen probleem. Hij draaide zijn onderbroek achterstevoren en met behulp van wat spelden werd alles zo goed mogelijk bedekt. 

Over professionaliteit gesproken.


Mheer had zoveel spelers, dat er makkelijk twee seniorenelftallen gevormd konden worden en deze kwamen uit in de tweede en derde klasse van de KNVB, afdeling Limburg. Bovendien startte men met een jeugdelftal.

In de beginjaren waren de resultaten goed te noemen. Zo eindigde het eerste elftal meteen als tweede in zijn klasse en werd het tweede elftal in het seizoen 53-54 kampioen in de derde klasse, waardoor het promoveerde naar de tweede klasse en omdat er nog niet zo veel verschillende klassen waren, kwam het in dezelfde klasse terecht als het eerste elftal.

Onderhoud voetbalterrein.

In de beginjaren was het onderhoud van het terrein in handen van Eugène van Laar. 

De werkzaamheden bestonden uit achtereenvolgens: ongebluste kalk halen bij van Gerven – de koeien 

van het veld af jagen – ‘flatte sjpreije’ – molshopen kleinslaan – lijnen trekken – netten ophangen – 

netten afhalen – koeien weer terug naar de wei.

Dit karwei moest iedere speeldag herhaald worden. Dit baantje had Eugène van Laar aangenomen voor 65 gulden per jaar.


Voorwaar geen ongunstig gegeven. Immers in het seizoen ‘54-’55 stond het eerste elftal op de drempel van het kampioenschap. In een van de laatste wedstrijden zou men thuis moeten winnen van Eijsden en het   kampioenschap zou een feit zijn. De uitslag werd 2 – 4. Verloren, weg was het kampioenschap. Echter, men had niet op hulp van het tweede elftal gerekend. Zij moesten nog een uitwedstrijd tegen datzelfde Eijsden, en laten zij nou winnen ! Mheerder Boys 1 kampioen en promotie naar de eerste klasse A van de afdeling Limburg.

In het seizoen 56-57 begonnen de successen alweer wat af te nemen. De oudere spelers moesten vervangen worden; het tweede moest steeds meer spelers afstaan aan het eerste; men moest steeds verder reizen naar uitwedstrijden; kortom het werd steeds moeilijker.



1-elftalfoto uit beginjaren.jpg1

Mheerder boys 1 in de vijftiger jaren

Stimulerende middelen ?

Eind zestiger jaren was er bij Mheerder Boys al sprake van het 

gebruik van opwekkende middelen. Immers, de toenmalige 

leider van het tweede elftal, Sjef Knoppen, ging tijdens de rust 

bij alle spelers langs en bood hen een sigaret aan.


Men vroeg overplaatsing aan naar de eerste klasse C, zodat we wat meer derby’s konden spelen, maar voetballend wilde het niet meer zo lukken. Men trainde niet of nauwelijks en het gevolg was dat het eerste elftal in het seizoen 57-58 weer degradeerde naar de tweede klasse. 

De volgende jaren waren kwakkeljaren. Men begon steeds vol goede moed aan een nieuw seizoen, maar als het weer wat slechter werd, was het gauw met de moed gedaan. 

Het kwam steeds vaker voor, dat men slechts met grote moeite de benodigde spelers bij elkaar kreeg voor een wedstrijd. En de echte voetballiefhebbers, zowel spelers als toeschouwers, gingen steeds vaker hun heil elders zoeken in de hoop daar meer te zien of te bereiken.  


MEER ACTIVITEIT

Met de komst van een nieuw bestuur in 1961 onder voorzitterschap van Huub Weusten kwam er wat meer activiteit binnen de vereniging. De resultaten waren redelijk te noemen en men begon ook buiten het voetbal om meer te organiseren. 

2-eind zestiger jaren.jpg1

Eind jaren zestig

Zo werd in 1963 het eerste kleedlokaal gebouwd voor de som van 350 gulden. Ook werd er verlichting aangebracht middels een paar lampen in bomen. En aan de trainingen en het materiaal werd eveneens meer aandacht besteed. Dit alles kostte steeds meer geld en zodoende moest men iets gaan organiseren. En dus werden in 1967 en 1968 skelterwed-strijden georganiseerd op het complex Jonge Hagen, waarna men meteen besluit er een tweede kleedlokaal bij te bouwen. 

Jacques Quanten, destijds secretaris, maakte nog steeds zijn jaarverslag op de achterkant van een sigarendoosje en speelde een centrale rol in het bestuur, waarvoor hij in 1968 onderscheiden werd door de KNVB. Ook maakte de eerste professionele trainer zijn opwachting, dhr. Knapen uit Borgharen.

Vreemde spelers aantrekken.

Reeds in de zestiger jaren was Mheerder Boys zijn tijd ver vooruit. De toenmalige trainer Joep Louist bracht als versterking een speler mee, die bekend stond onder de naam “de zakkendrager van Eijs”. Deze speler had voor de wedstrijd een half uur nodig om zijn benen volledig in te zwachtelen, daarmee aangevend hoe professioneel hij wel was. Let wel; deze buitenlandse aankoop speelde in het tweede elftal.

HET NIEUWE ELAN


De weg, die al voorzichtig was ingezet door het vorige bestuur, werd met nog meer elan bewandeld door het bestuur dat in 1970 aantrad onder voorzitterschap van René Senden.

Onder invloed van de ontwikkelingen en met name het succes van de Nederlandse topclubs in de Europacup wilde de jeugd in Mheer dat de zaken op voetbalgebied daadkrachtiger werden aangepakt. Het nieuwe bestuur had dat feilloos in de gaten en men begon met het verder ontwikkelen van de randvoorwaarden. Bovendien had men het geluk dat er zich een nieuwe getalenteerde voetbalgeneratie aandiende. Ook werd een beleid op de langere termijn uitgestippeld, getuige de wederoprichting van de jeugdafdeling. 

Ongerechtigde spelers ?

Eind jaren zestig was het vaak een probleem om voldoende spelers voor iedere wedstrijd te krijgen. Dit gold zowel voor het eerste als het tweede elftal. Geen nood echter. De chauffeur van het spelersbusje, Lei Bastings uit Noorbeek had altijd wel een paar voetbalschoenen in zijn busje liggen. Deze trok hij aan en speelde vervolgens vrolijk mee.

3-pruimenpluk 71.jpg1





Pruimenpluk 1971

De aanleg van een nieuw terrein was een wens van dit bestuur, zodat na vele jaren de wei van de familie Dobbelstein aan de Rondelenstraat weer uitsluitend toe zou behoren aan de rechtmatige gebruikers: de koeien.
Zoals vaak was het bij elkaar krijgen van de nodige financiën een hels karwei. De eerste meevaller op dat gebied was het feit, dat het voor de baron niet meer loonde om de vele mirabellen op zijn terrein te laten plukken. Hij bood deze “pruimenpluk” aan de voetbalclub aan en zodoende werden de eerste gelden ter realisering van al die nieuwe plannen bij elkaar gebracht. Op sportief gebied werd veel meer aandacht aan de trainingen gegeven en met de komst van trainer Conraads in 1971 werden de zaken voortvarend aangepakt. Keihard werd er gewerkt aan het sportieve doel: kampioen worden in de tweede klasse van de afdeling Limburg en uiteindelijk het verlaten van die afdeling. 

Professionaliteit.

Reeds begin zeventiger jaren was de club al professioneel bezig. Zo ging de toenmalige trainer Jo van Wissen met Fon van Gerven naar Wylre om daar anderhalf uur lang verscholen in de bosjes de training van de komende tegenstander van Fon   te bekijken.

De eerste twee jaren werd het fundament gelegd en in het seizoen 73-74 werd onder leiding van trainer Jo van Wissen het eerste doel bereikt. Hoewel de trainingsfaciliteiten niet optimaal waren – getraind werd er op de modderpoel van een braakliggend bouwterrein, waar nu de Kastanjelaan ligt – werd het eerste elftal kampioen met promotie naar de eerste klasse C.

4-kampioen 73-74.jpg1





Kampioenschap 73-74 en promotie naar eerste klasse afdeling limburg


Deze klasse gold als een der zwaarste van de afdeling en het zou een hele kunst worden om hieruit te komen. Het spelersmateriaal om hogerop te komen was er wel, maar in deze klasse werd ook iets anders gevraagd dan techniek en tactiek, nl. hardheid en mentale weerbaarheid. 


In het seizoen 73-74 ging een langgekoesterde wens in vervulling. Eindelijk kon men het oude speelveld aan de Rondelenstraat vaarwel zeggen. Aan de Burg. Beckersweg was een nieuw speelveld aangelegd. Dankzij de inspanningen van alle leden werd het terrein speelklaar gemaakt. Ontelbare stenen werden verwijderd van de aangevulde grond. Er werd een afrastering geplaatst en het oefenveld(je) werd zo goed mogelijk geprepareerd.

Verschil moet er zijn!

Tijdens de autoloze zondag in 1973 moest het eerste elftal een uitwedstrijd spelen bij Lemirsia. Omdat er geen auto’s mochten rijden werd voor deze keer een touringcar gecharterd. Het tweede elftal had ook een uitwedstrijd en wel naar v.v. De Huls, ook niet echt naast de deur. De spelers moesten per fiets gaan, maar Harrie Dobbelstein reed met z’n brommer mee en informeerde steeds belangstellend bij de anderen of het nog ging.

Als kleedruimte fungeerde nog een tweetal houten keten en de “douche” bestond nog steeds uit een aantal plastic bakjes vol ijskoud water. Maar wat een vooruitgang ! Helaas, de vreugde was van korte duur. Reeds drie weken na de opening stortte een gedeelte van de aangevulde grond naar beneden en moesten leden en supporters weer de handen uit de mouwen steken om alles opnieuw in orde te maken. Echter het veld bleef in de volgende jaren een bron van zorg. 

image014



Voetbalveld Mheer dreigt weg te spoelen

Eind jaren zeventig werd er door de club van kleur veranderd:

tenminste voor wat betreft het eerste elftal. Tot dan toe speelde het eerste altijd in de kleuren Groen-Wit. Het tweede elftal speelde in Rood-Wit. Men wilde af van twee kleuren en men koos voor Rood-Wit voor de hele vereniging, mede omdat de truitjes met een groene kleur door het wassen veel sneller versleten waren.


Kasteelfeesten

Vermeldenswaard is zeker het feit, dat in 1973 op initiatief van pastoor Sliwa en de toenmalige voorzitter René Senden gestart is met het fenomeen “Kasteelfeesten”. Een feest, dat uitgegroeid is tot een begrip in de regio en daarbuiten en dat voor de vereniging van eminent belang is. De vooruitziende blik van genoemd tweetal heeft tot nu toe geresulteerd in een tweedaags festijn, waar elk jaar duizenden bezoekers voor de broodnodige financiële middelen van de vereniging zorgen.